Lezing: Genesis 1: 1-25 en Genesis 1: 26 t/m 2: 3
Voorganger: ds. Dick van der Vaart

Gemeente van Christus,

Het scheppingsverhaal begint met de woorden: “In de beginne schiep God de hemel en de aarde”. En verderop klinken de woorden: “God zei: laten we mensen maken.“ Dat klinkt zo algemeen dat wij als christenen ons er meteen in kunnen vinden: wij leven op aarde en wij zijn mensen. Het scheppingsverhaal lijkt meer een algemeen menselijk verhaal te zijn dan een Joods verhaal. Maar toch kunnen we het verhaal alleen maar begrijpen wanneer we ons realiseren dat het in de eerste plaats een verhaal is van het volk Israël. En het is pas door Jezus ook een beetje ons verhaal geworden omdat wij door Jezus vreemdelingen en bijwoners van het volk Israël geworden zijn.

Waaruit blijkt dat het een Israëlietisch verhaal is? Het is geschreven in de Babylonische Ballingschap in de zesde eeuw voor Christus. Het volk werd gevangen gehouden in Babel door de koning van Babel die regeerde in naam van de goden van Babel. En de goden van Babel dat waren de zon, de maan en de sterren. Na jaren in ballingschap verloor het volk Israël bijna de moed om ooit weer naar het eigen land terug te kunnen keren. En ook dreigde het de band met de God van Israël te verliezen. En daarom besloot men de geschiedenis op te schrijven. En dat deed men op zo’n wijze dat men weer hoop kreeg.

Op welke wijze gaf het scheppingsverhaal hoop? Het volk werd gevangen gehouden door de goden van Babel: de zon, de maan en de sterren. En wat gebeurde er nu in het scheppingsverhaal op de vierde dag? We lezen:

“God zei: er moeten lichten aan het hemelgewelf komen om de dag te scheiden van de nacht. Ze moeten de seizoenen aangeven en de dagen en de jaren en ze moeten dienen als lampen aan het hemelgewelf om licht te geven op aarde. En zo gebeurde het.”

De goden van Babel zon, maan en sterren worden “lampen“ genoemd. Lampen die door God als elektricien in het plafond van de hemel worden gedraaid. Dit is bijbelse humor. Hier worden de goden van Babel ontgoddelijkt en gereduceerd door lampen. Hier zien we dat de goden van Babel niet meer zijn dan objecten in de hand van God. Dit gaf het volk Israël in ballingschap weer hoop. Als God zo machtig is dan kan Hij ons ook weer doen terugkeren naar huis!

We leven in een tijd van milieuvervuiling en klimaatopwarming. Het christelijk geloof krijgt daar soms de schuld van. Dat doet men op grond van Genesis 1: 26. Daar lezen we:

“Laten wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op ons lijken, zij moeten heerschappij voeren over de vissen van de zee en de vogels van de hemel, over het vee, over de hele aarde en alles wat daar rondkruipt.” 

En het verwijt klinkt dat mensen op grond van dit vers zijn gaan heersen over de dieren en de natuur en in dat heersen geen oog hebben gehad voor de kwetsbaarheid van de aarde en alles wat er op leeft.

Dit is niet terecht want de klimaatopwarming en de milieuproblematiek komt niet voort uit het bijbels denken maar uit het vooruitgangsgeloof dat sinds de 17e eeuw steeds sterker werd en de technologische ontwikkeling mogelijk maakt die de milieuvervuiling veroorzaakt heeft.

Wat wel een terecht punt van kritiek is, is dat het heersen van de mens in Genesis 1:26 vaak verkeerd uitgelegd is. En dat komt omdat christelijke bijbeluitleggers uit het oog verloren hebben dat het scheppingsverhaal niet in de eerste plaats een algemeen menselijk verhaal is maar een verhaal van het volk Israël. Hoe kon dit gebeuren?

De oudste teksten van de bijbel stonden geschreven in boekrollen. Deze teksten hadden nog geen hoofdstuk-en vers indeling. Die zijn pas later aangebracht. Nu hebben christelijke geleerden het eerste hoofdstuk van Genesis laten eindigen na vers 36. Aan het einde van de zesde scheppingsdag. Dat klopt niet want het eerste scheppingsverhaal loopt door tot Genesis 2: 3:

“Op de zevende dag had God zijn werk voltooid, op die dag rustte Hij van het werk dat hij gedaan had. God zegende de zevende dag en verklaarde die heilig, want op die dag rustte Hij van heel zijn scheppingswerk.“ 

En het tweede scheppingsverhaal begint dan bij Genesis 2:4:

“Dit is de geschiedenis van hemel en aarde. Zo ontstonden ze en zo werden ze geschapen.” 

Wat is nu het gevolg geweest van het laten eindigen van hoofdstuk 1 na de zesde dag? De zesde dag is de dag waarop de mens geschapen werd. En door het laten eindigen van het hoofdstuk op de dag dat de mens geschapen werd lijkt het alsof de mens de kroon op de schepping was. En dat werd ook vaak gezegd.

Maar ook hier werd over het hoofd gezien dat het scheppingsverhaal geen algemeen menselijk verhaal was maar een verhaal van het volk Israël, geschreven in de ballingschap, waar het volk ook de sabbat eerde.

Nu was het zo dat in die tijd er veel verhalen waren binnen en buiten Israël waar sprake was van een opeenvolging van zes gebeurtenissen die minder belangrijk waren, gevolgd door een zevende gebeurtenis die de doorslag gaf. Denk b.v. aan het verhaal over de verovering van Jericho. Zes keer liep het volk om de muren van de stad heen en de zevende keer blies men op de hoorns en stortten de muren van de stad in. Onthoud dit belang van het getal zes svp even.

Voor een goed begrip van het verhaal moet u ook weten dat in Babel de koning werd beschouwd als iemand die voor rust en orde zorgde. Zonder hem zou het land veranderen in chaos. Dat hij een wrede dictator was die op hardvochtige wijze regeerde en willekeurig beschikte over leven en dood vond men van minder belang.

Dat zie je tot op de dag van vandaag in de wereld. De mensen in Rusland hebben liever Poetin als dictator dan chaos. En ook in Amerika heeft men liever een ondemokratische sterke leider dan chaos.

Nu zou je in het bijbelse scheppingsverhaal verwachten dat na de reeks van zes dagen een koning geschapen zou zijn die zorgde voor rust en orde. Maar het prachtige van het bijbelse scheppingsverhaal is nu dat God op de zevende scheppingsdag geen sterke koning schept maar de sabbat! Niet een sterke koning maar de sabbat zorgt voor orde.

Wat betekent dat? De sabbat is een dag van rust. Een dag waarop men aandacht kan schenken aan God en aan elkaar. En de sabbat is er voor iedereen! Niet alleen voor de vrije Israëlieten maar ook voor hun slaven, slavinnen en dieren. Ook hun wordt rust gegund. Maar daar blijft het niet bij. In het boek Deuteronomium krijgt het volk het gebod om het akkerland na zes jaar een jaar rust te gunnen. Het moet braak blijven liggen zodat het de kans krijgt te herstellen. Het krijgt een jaar sabbatsrust.

En ook wordt het volk opgeroepen om een jubeljaar in te stellen. Op grond van het sabbatsgebod krijgt het volk de opdracht om de zeven keer zeven jaar, in het 50ste jaar de in die tijd gegroeide ongelijkheid in welvaart te herstellen en de rijkdom te herverdelen.

Prachtig! Niet een dictatoriale koning zorgt voor orde en rust maar de sabbat. De sabbat ordent de samenleving. Iedereen krijgt een dag in de week rust. Het land wordt niet uitgeput. Rijkdom wordt herverdeeld. 

Gemeente wanneer de wereld zich zou laten ordenen door de sabbat zouden de grootste problemen waarmee we wereldwijd te kampen hebben, worden opgelost:

De 24 uurs economie die iedereen in grote haast laat leven en mensen overspannen maakt, de uitputting van de aarde en een groot probleem in de wereld en ook in Nederland: dat een steeds kleiner deel van de mensen een steeds groter deel van de vermogens in handen krijgt.

Het eren van de sabbat brengt rust, behoedt de aarde voor uitputting en zorgt voor een eerlijke verdeling van de welvaart.

“Houd de sabbat in ere!” is het derde gebod. Hoe actueel!

Amen.